Er gaat iets af

Er gaat iets af is één van de 11 situaties van het Situatiekompas. Het is de situatie waarbij een hoeveelheid kleiner wordt — iemand geeft iets weg, er wordt iets opgebruikt, iets verdwijnt.

Klinkt eenvoudig. Maar dit is de situatie waarbij leerlingen het vaakst het verkeerde vertrekpunt kiezen — of de situatie helemaal niet herkennen omdat er geen minuswoord in de som staat.

Wat is de situatie?

Bij er gaat iets af wordt een bestaande hoeveelheid kleiner. Er is een beginstand, er gaat iets af, en je zoekt de eindstand — of andersom.

Voorbeelden: — Een parkeergarage heeft 100 plekken. 50 zijn bezet. Er komen 20 auto's bij. Hoeveel vrije plekken zijn er nog? — Thomas woog 80 kilo. Hij weegt nu 60 kilo. Hoeveel procent is hij afgevallen?

Waar gaat het mis?

Leerlingen zoeken naar minuswoorden als "minder", "weg" of "over". Als die er niet zijn, tellen ze gewoon alles op. Maar de situatie bepaalt de bewerking — niet het woord.

Een andere valkuil is het vertrekpunt: ze pakken het getal dat er nog is in plaats van het getal dat er afgegaan is. Wie de situatie niet leest, weet niet waar hij moet beginnen.

Materialen bij deze situatie